Hoe kan het dat gelovigen die de Heer Jezus en Gods Woord liefhebben, toch tot heel verschillende opvattingen komen over allerlei onderwerpen. In dit blog wil ik een aantal overwegingen meegeven. Niet dat daarmee alles gezegd is, maar ik hoop dat het ons samen wel verder brengt in het zoeken naar de waarheid, naar Gods Waarheid.
- De verwarring is groot
- Hoe lees ik de Bijbel
- Voordat we verder gaan: het Evangelie staat vast
- Zijn we bereidwillig: willen we het echt wel weten?
- Willen weten is ook heel riskant
- Het is geen boekenwijsheid maar omgang met de Here
- Geluk en vreugde in het overdenken
- Overdenken van het Woord en vragen stellen
- Overdenken is onderzoeken: de Geest van God aan het werk
- Leven in de laatste tijden: is er al wat gaande?
De verwarring is groot
De onderwerpen waar je verschillend over kan denken zijn vele en ik noem er hier maar een paar. Over huwelijk, echtscheiding en hertrouwen bestaan welhaast oneindig veel opvattingen. Maar ook over hoe je met elkaar ‘kerk’ moet zijn, hoe maak je het praktisch en wat is daarin bijbels of niet? Hoe vieren we het avondmaal en hoe wordt de doop toegepast en wat is de betekenis ervan? Of de vraag van de bekering, wedergeboorte en verlossing? Kun je het geloof verliezen of niet? En wat te denken over de leer van de toekomst, de eschatologie? Wat is en wanneer komt de opname van de gemeente? Enzovoorts, enzoverder.
Nu is dit maar een kleine greep, maar het lijkt wel of er vandaag de dag steeds meer verwarring is in al dit soort vragen. Wanneer we zeggen dat Gods Woord de Waarheid is – en daarmee spreken we de Heer Jezus zelf na (Johannes 17:17) – dan hebben we er met z’n allen wel een puinhoop van gemaakt. Ieder van ons bevindt zich in een kring van gelovigen – ongeacht de naam van de denominatie – waar bepaalde opvattingen heersen over al dit soort thema’s. Dat zijn de dingen die je gemeenschappelijk hebt en waar je normaliter niet aan gaat tornen. Dat betekent dat we als waarheid aannemen wat in onze groep – ‘onder ons’ – voor waarheid gehouden wordt.
Hoe lees ik de Bijbel
Toch moeten we ons afvragen wat we voor waar houden en zelf onze overtuigingen baseren op de Bijbel. Maar daarbij is het natuurlijk de vraag hoe we die lezen. Ik zal het maar een beetje persoonlijk houden en van mijn eigen ervaring wat delen. Niet met de bedoeling dat een ander het net zo moet doen als ik, maar ik hoop dat het kan helpen om te ervaren dat Gods Woord levend en krachtig is (Hebreeën 4:12).
Waar ik ben opgegroeid werden slechts boeken gelezen ‘uit eigen kring’. Dat was prima, want daardoor kreeg je kennis van veel dingen uit Gods Woord. Ik denk dat me daardoor op een of andere manier dingen zijn bijgebracht die van grote waarde zijn. Boven alles natuurlijk het evangelie: dat je je tot God moet bekeren en de Heer Jezus Christus als je verlosser moet aannemen om voor eeuwig gered te worden! Maar daarnaast ook allerlei andere inzichten die je bij blijven. Sommige van die boeken staan nog in de boekenkast.
Maar het was een hele schok toen ik voor het eerst een boek ‘uit andere kring’ las: ‘De God Die leeft’ van Francis Schaeffer. Het was opmerkelijk dat iemand die de Heer Jezus en de Bijbel liefhad, kennelijk op een andere manier de Bijbel las en daar dingen uithaalde, waardoor hij de wereld om hem heen op een andere manier kon begrijpen. Dat was ongelooflijk verfrissend. Soms komt het nog voor dat je boeken leest of er iets op je weg komt, waardoor je weer opnieuw zoiets meemaakt en verder komt in het begrijpen van het Woord van God.
Even een disclaimer. Dit is geen pleidooi om alles wat je in de evangelische of christelijke boekwinkel vindt te gaan lezen. Ook geen aanbeveling om alles wat zich op internet als christelijk presenteert, te gaan lezen of kijken. Ik denk dat het meeste dat je daar vindt niet opbouwend is voor je geloofsleven.
De kernvraag is of de Bijbel nog het levende Woord van God voor ons is. We kunnen de Bijbel lezen met het inzicht dat we al hebben gekregen. Dat is goed en zo moet het ook zijn. Maar is Gods Woord dan nog levend en krachtig? Of lees ik er alleen maar in wat ik al weet? Dan lopen we het gevaar dat de Bijbel voor ons een dood boek wordt.
Wat we trouwens vooral niet moeten doen is alles wat anders en nieuw is, zomaar aannemen en achterna lopen. Niet zomaar voor waar houden wat anderen zeggen of schrijven. We zullen het echt zelf in Gods Woord moeten onderzoeken, zodat de Geest van God ons daaruit kan onderwijzen.
Voordat we verder gaan: het Evangelie staat vast
Voordat we verder gaan moeten we nog vaststellen dat een heleboel dingen in de Bijbel gewoon glashelder zijn. Wanneer we de Bijbel nemen voor wat die zegt, dan is de betekenis ook duidelijk. Zonder dat we alles kunnen verklaren. Dan mogen we eenvoudig vertrouwen op de Schrift, het Woord van God.

Zo is ook het Evangelie iets wat niet ter discussie staat. Iedereen die gered wil worden uit deze wereld en eeuwig leven wil ontvangen, moet zich met erkenning en belijdenis van zondeschuld tot God keren en pleiten op het eenmaal volbrachte verzoeningswerk van Jezus Christus, de Zoon van God. Dan ontvang je de vergeving van de zonden en dan neem je de Heer Jezus Christus aan als je Redder [Heiland, Verlosser] en Heer. Hij ‘gelooft in Christus’ dat wil zeggen hij vertrouwt en blijft vertrouwen op de belofte die daaraan verbonden is: de hoop die voor ons ligt. Dan ‘blijf je in Hem’ zo lang je hier in dit leven bent en voert Hij je door het leven heen naar Zijn eeuwige heerlijkheid.
Verder zijn er historische feiten waarop het geloof in Christus is gebaseerd. Zijn wonderlijke geboorte, leven, sterven, opstanding en hemelvaart bijvoorbeeld zijn dingen die de Bijbel duidelijk vermeldt en die waar zijn. Niet omdat ik het historische bewijs heb onderzocht, maar omdat de Bijbel zelf het meerdere keren en uitgebreid vertelt. De gelovige heeft geen wetenschap nodig om te weten of deze dingen waar zijn of niet.
Hetzelfde geldt overigens ook voor de schepping, zondeval, de zondvloed en wat daaraan vooraf ging, en alle andere – vaak wonderlijke – gebeurtenissen die als historie in de Bijbel vermeld staan. Ook in deze dingen vertrouw je als gelovige op het duidelijke en betrouwbare spreken van de Schrift. De Schrift vertrouwen is Gods Woord vertrouwen, dat is God vertrouwen.
Zijn we bereidwillig: willen we het echt wel weten?
Wanneer we nu verder gaan, gaat het om de dingen die andere gelovigen anders lezen. Dat zijn dus niet de opvattingen over de historische (heils-)feiten. Daarover kan denk ik geen misverstand bestaan. Maar het zijn de andere dingen, de geestelijke en profetische dingen – waar we de Bijbel anders kunnen lezen.
Wanneer het daarom gaat is het grote voorbeeld voor ons natuurlijk de Joden in Berea die de verkondiging van Paulus in hun synagoge hadden gehoord. Ze hebben dat Woord niet meteen afgewezen, maar
“(…)zij ontvingen het Woord met grote bereidwilligheid en onderzochten dagelijks de Schriften om te zien of die dingen zo waren.” (Handelingen17:11)
Het eerste en allerbelangrijkste is dat ze bereidwillig waren. Dat betekent dat ze wilden weten wat de Here in de Schriften had gezegd en of de uitleg van Paulus klopte. Het begint bij de wil; mijn wil, onze wil, en de bereidheid om Gods wil te weten. Want ongetwijfeld hadden ze hun eigen uitleg van de Schriften en nu kwam daar die Paulus die in Thessalonica ook al verdeeldheid had gesticht hun iets nieuws vertellen. Ondanks dat wilden ze weten wat waar was en waren ze bereid om hun oude opvattingen terzijde te zetten. Maar niet nadat ze door de Schrift zelf overtuigd waren.
Willen weten is ook heel riskant
Wanneer een mens bereid is om te willen weten wat Gods gedachten zijn, dan neemt hij een groot risico. Want tegelijkertijd weet je dat je waarschijnlijk je huidige opvattingen los moet laten, zonder dat je weet waar je uit komt.
Het is daarom eng om bereidwillig te zijn en het lijkt er wel op dat de mens van nature dit niet heeft. We blijven liever bij het oude en bekende en bovendien verbindt ons dat aan de gemeenschap. Het is de algemene weerstand tegen veranderingen en daarbij komt nog het idee dat we de waarheid al kennen. Dus wat voor nieuws zou er nog te vertellen of te leren zijn?
Waarom zou ik het risico willen lopen om mijn zekerheden op te geven, eventueel mijn plaats in de gemeenschap op te geven of mijn hele leven op de kop te moeten gooien? Het is iets waar niemand op zit te wachten en waar iedereen van nature grote weerstand tegen voelt.
Uiteindelijk is het enige dat de doorslag geeft dat een mens de wil van God wil weten om die te doen. Dat is wat de Heer Jezus gezegd heeft:
“Als iemand de wil heeft om Zijn [Gods] wil te doen, zal hij van dit onderricht weten of het uit God is, of dat Ik vanuit Mijzelf spreek.”(Johannes 7:17)
Wil ik de wil van God doen? Dan wil ik ook weten wat Hij wil en dan zal ik het Woord bereidwillig ontvangen. Het vraagt een open en onderzoekende houding van de gelovige bij het lezen en onderzoeken van de Schrift. Of anders gezegd: het vraagt een open houding naar de Bijbel om van de Here God zelf te horen wat Hij ons wil zeggen en duidelijk maken.
Het is geen boekenwijsheid maar omgang met de Here
De Bijbel lezen is dus ook haar onderzoeken en betekent omgang met de Here God. Het is fundamenteel anders of ik in de omgang met de Here uit Zijn Woord inzicht ontvang, of dat ik in een cursus, training of uit boeken dingen leer over de bijbelse en geestelijke dingen. Dat laatste kan ons dingen aanreiken die ons kunnen helpen, maar uiteindelijk gaat het er om of we ervaren dat de Here Zelf ons uit Zijn Woord dingen duidelijk maakt.
De Bereërs geloofden niet direct wat Paulus hen vertelde, maar ze wezen het ook niet direct af. Ze wilden weten of deze dingen inderdaad in de Schrift stonden. Ze onderzochten daarom de Schrift die ze hadden en die bevestigde hen wat Paulus had onderwezen (Handelingen 17:11,12).
Paulus zegt tegen Timotheüs dat hij moet nadenken over wat hij hem geschreven heeft en dat de Here hem dan inzicht zal geven.
“Denk na over wat ik zeg, maar laat de Heere u inzicht geven in alle dingen.” (2 Timotheüs 2:7).
Dit is ook voor ons een heel belangrijk punt wat we vaak vergeten. We hoeven niet meteen een opvatting af te wijzen, maar mogen de Here vragen om ons uit Zijn Woord het gehoorde te bevestigen. Daarbij hoort dan wel de opmerking dat het geen compleet uitgewerkte les uit een boekje is, een theorieles als het ware, maar dat het meestal stap voor stap gaat. De Heer bevestigt het vaak stap voor stap. Of, en dat kan ook goed zijn, Hij maakt je nog andere dingen duidelijk die op een of andere manier hiermee te maken hebben.
Geluk en vreugde in het overdenken
De Psalmen beginnen met de bijzondere tekst:
“Welzalig de man (…) die zijn vreugde vindt in de wet van de HEERE en Zijn wet dag en nacht overdenkt.” (Psalm 1:1-2)
Er kunnen allerlei omstandigheden in het leven zijn die ons nogal bezig kunnen houden en soms van de nachtrust kunnen beroven. Dat is om het zacht te zeggen, niet fijn. Maar de psalmist kent iets anders en weet dat het vreugde geeft om je bezig te houden met de wet, het Woord van God. Dan vind je vreugde. Want die dingen kunnen je in beslag nemen en je bezig houden, maar dat is dan een vreugdevolle bezigheid.
Er zijn veel tekstplaatsen waaruit hetzelfde blijkt en ik citeer er hier maar een paar.
- “In de weg van Uw getuigenissen verblijd ik mij meer dan in alle bezit.” (Psalm 119:14)
- “Ik verblijd mij in Uw verordeningen, Uw woord vergeet ik niet.” (Psalm 119:16)
- “Uw woord was mij tot vreugde en tot blijdschap in mijn hart” (Jeremia 15:16)
De vreugde die je vindt in het bezig zijn met Gods Woord is daarin gelegen dat in dat Woord de Here ons nabij komt. Zo heeft Hij het tegen zijn volk Israël gezegd toen Hij hen Zijn wet gaf (zie ook hier): Ik geef jullie mijn woord, maar ik ben ook dichtbij jullie. Het Woord is Zijn Woord, door zijn eigen vinger geschreven (Exodus 31:18).
In dat Woord ontmoeten we Hem en als we Hem zoeken doen we dat door en in Zijn Woord. De Here en Zijn Woord zijn voor ons nauw verbonden, zoals ook de Psalmist getuigt:
“Welzalig wie Zijn getuigenissen in acht nemen, Hem met heel hun hart zoeken, (…) Ik zoek U met heel mijn hart, laat mij van Uw geboden niet afdwalen.” (Psalm 119:2, 10)
Wanneer we de Here beter willen leren kennen, moeten we ons verdiepen in Zijn Woord, zoals ook Salomo dat heeft beschreven.
“(…) als je roept om het verstand, je stem laat klinken om inzicht, als je het zoekt als zilver, het naspeurt als verborgen schatten, dan zul je de vreze des HEEREN begrijpen, de kennis van God vinden. De HEERE geeft immers wijsheid, uit Zijn mond [Zijn Woord] komen kennis en inzicht.” (Spreuken 2:3-6)
Overdenken van het Woord en vragen stellen
Er is nog iets bijzonders aan het overdenken van Gods Woord. Dat is wat me opviel in een Engelse Bijbel bij het woord ‘overdenken’ van Psalm 1:2. Daar stond namelijk de opmerking bij dat het woord ‘overdenken’ de betekenis heeft van ‘nadenken door tegen zichzelf te praten’.
Dat is apart, want hoe kun je tegen jezelf praten? Wat het niet betekent is dat je steeds tegen jezelf zegt wat de betekenis is van wat je leest. Want dat is zinloos en helpt niet echt bij het verwerven van inzicht. En het in jezelf repeteren van de tekst kan ontaarden in een mantra, dat is op een ‘heidense manier bidden’ (zie Mattheus 6:7). Daarmee ben je om zo te zeggen nog ‘verder van huis’.
Daarom denk ik dat het betekent dat je jezelf vragen stelt over de tekst van Gods Woord. Het is hetzelfde als wat de Heer Jezus deed toen Hij als 12 jarige jongen in de tempel zat: “Hij zat te midden van de leraars, luisterde naar hen en stelde hen vragen. Allen die Hem hoorden, stonden versteld van Zijn verstand en antwoorden.” (Lukas 2:46-47). Luisteren en vragen stellen, proberen te begrijpen en opnieuw vragen stellen.
Het stellen van vragen is een bijzondere eigenschap die God aan de mens gegeven heeft. Op jonge leeftijd vragen je kinderen je al het hemd van het lijf. Het hoort bij het volwassen worden en als het goed is duurt het je hele leven door. Blijven vragen is blijven groeien, ook in de hemelse dingen, de dingen van God (Johannes 3:12; 1 Korinthe 2:11). Paulus geeft aan dat we ons denken1 moeten blijven vernieuwen en hij geeft er geen leeftijdsgrens bij aan:
- “(…) word veranderd door de vernieuwing van uw gezindheid [denken]” (Romeinen 12:2)
- “(…) dat u vernieuwd wordt in de geest van uw denken” (Efeze 4:23)
In zekere zin moeten we hierin altijd jong blijven, zodat de Here God ons Zijn dingen kan blijven openbaren. De dingen die voor de mens van nature verborgen zijn.
“In die tijd antwoordde Jezus en zei: Ik dank U, Vader, Heere van de hemel en van de aarde, dat U deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt, en ze aan jonge kinderen hebt geopenbaard.” (Mattheus 11:25)
OM OVER NA TE DENKEN:
DE EEUWIGHEID IS IN BEPAALDE OPZICHTEN EEN VOORTZETTING VAN ONS AARDSE LEVEN.
ZO HOUDEN WE NIET OP TE GROEIEN IN DE KENNIS VAN GOD DE VADER EN
VAN ONZE HEER JEZUS CHRISTUS EN VAN DE DINGEN DIE BOVEN ZIJN.
Overdenken is onderzoeken: de Geest van God aan het werk
De dingen van God zijn verborgen voor de natuurlijke mens, zo heeft de Heer Jezus het tegen Zijn Vader gezegd. Paulus schrijft ook iets soortgelijks aan de Korinthiërs:
“Maar het is zoals geschreven staat: Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en in geen mensenhart is opgekomen, dat is wat God bereid heeft voor hen die Hem liefhebben. 10 Aan ons echter heeft God het geopenbaard door Zijn Geest. De Geest immers onderzoekt alle dingen, zelfs de diepten van God.
11 Want wie van de mensen kent de dingen van de mens dan de geest van de mens, die in hem is? Zo kent ook niemand de dingen van God dan de Geest van God. 12 En wij hebben niet ontvangen de geest van de wereld, maar de Geest Die uit God is, opdat wij zouden weten de dingen die ons door God genadig geschonken zijn.” (Korinthe 2:9-12)
Over dit gedeelte heb ik jaren geleden al eens iets geschreven en ik denk dat dat nog steeds geldt2. Maar waar ik het hier nog even over wil hebben is dat de Geest van God ‘onderzoekt’. Dat is een ‘eigenschap’ van de Geest van God, maar ook van de geest van de mens.
Het woord ‘onderzoeken’ betekent veelal simpelweg zoeken en het heeft te maken met informatie zoeken of navragen. Kijk je naar het gebruik van dit woord in het Nieuwe Testament dan zien we dat het te maken heeft met het onderzoeken van de Schrift of van het hart3.
Het lijkt me toe dat de geest van de mens hem in staat stelt te onderzoeken wat de waarheid is. Wat de ware betekenis is van de dingen die het Woord van God zegt. Met het verstand kunnen we de woorden lezen en begrijpen, maar als het gaat om de vraag wat ze werkelijk betekenen – wat de waarheid is – dan is dat iets dat de geest ‘in samenwerking met’ Gods Geest onderzoekt. De Geest van God wordt niet voor niets genoemd ‘de Geest van de waarheid’ (Johannes 14:17, 15:26; 16:13).
Wanneer je je huissleutel kwijt bent zul je eerst nadenken en je wat dingen proberen te herinneren. Vervolgens zoek je op de plaatsen waar hij zou kunnen liggen, totdat je hem gevonden hebt. Zo gaat het ook in het zoeken van de betekenis van Gods Woord, de waarheid. Dat is een proces van vragen stellen en zoeken van antwoorden en verder zoeken totdat je het gevonden hebt. Het is een proces dat absoluut niet zonder de Geest van God kan en waar Hij ons in wil leiden.
“Bid, en u zal gegeven worden; zoek, en u zult vinden; klop, en er zal voor u opengedaan worden.” (Mattheus 7:7; Lukas 11:9)
Leven in de laatste tijden: is er al wat gaande?
We leven in de tijd van het einde en zijn we hard op weg naar de komst van onze Heer Jezus Christus. In verband daarmee zijn er een paar thema’s die onze bijzondere belangstelling zouden mogen (moeten?) hebben. Het zijn de dingen waar de Bijbel profetisch over schrijft en die moeten gebeuren voordat Christus verschijnt en Zijn rijk hier op aarde vestigt.
God heeft ons in Zijn Woord daarover geschreven. Maar ook dan is daar de grote vraag hoe we het lezen. Ook de profetie is nogal een onderwerp waar geheel verschillend over gedacht wordt. De uitleggingen wordt sterk gekleurd door de leeropvattingen van de denominatie en niemand ontkomt er aan, ook ik niet.
Toch is je opvatting – hoe je de Bijbel leest – bepalend hoe je naar de wereld van nu kijkt. Onze waarneming van de wereld zou doordrenkt moeten zijn van Gods Woord, van Zijn kijk op de dingen.
Hieronder zal ik een voorbeeld geven dat laat zien dat het veel verschil maakt hoe je de Bijbel leest, of anders gezegd: door welke bril je kijkt.
I. Wanneer je er vanuit gaat dat de opname van de gemeente plaats zal vinden vóór Openbaring 6, dan kun je wellicht nog de symbolen van de boekrol, zegels en ruiters een bijbelse uitleg geven, maar het duiden van de verschillende ruiters is min of meer koffiedik kijken. Je kunt weinig meer doen dan de Bijbeltekst naspreken en zeggen wat voor een vreselijke tijd dat zal zijn. In deze opvatting blijft dit vreselijke gebeuren – en alles wat er mee samenhangt – nogal ver weg. Dat zijn dan allemaal dingen voor na de opname van de gemeente.
II. Maar wanneer je uitgangspunt is dat de opname van de gemeente niet noodzakelijkerwijs vóór de vier ruiters van Openbaring 6 hoeft plaats te vinden, dan is de vraag of dit wellicht nu al speelt. Je kunt dan concluderen – zoals we al eerder overdacht hebben4 – dat van de tijd van de verlichting satan bezig is met zijn laatste poging om de hele mensheid van God los te rukken. Volgens deze interpretatie gaan satans demonische legermachten sinds de 19e eeuw met geweld te keer. Volgens deze opvatting zijn vier zegels al verbroken en leven we nu onder de vierde ruiter, wiens naam is ‘de dood’.
Volgens Roger Liebi is in 1882 de eindtijd begonnen, toen de wereldwijd verspreidde joden terugkeerden naar het land van hun voorouders. Hij heeft dat beschreven in een boek, waarin hij heeft onderzocht in hoeverre de Bijbelse profetieën al zijn uitgekomen. Daaruit trok hij de conclusie dat aan het eind van de 19e eeuw de bijbelse eindtijd is begonnen5.
Bijzonder opvallend vind ik dat de interpretatie van Johan Schoor over de vier ruiters uit Openbaring 6 bijna naadloos aansluit op de conclusie van Liebi. Wat focus betreft zijn ze verschillend; de ene is gericht op het volk Israel en de andere op de christelijke wereld. Maar qua timing kun je ze zo over elkaar heen leggen.
Nu zou je kunnen zeggen dat deze dingen zo niet in de Bijbel staan. Dat klopt inderdaad, letterlijk staat het er niet zo. Maar vergeet niet dat beiden historisch onderzoek gedaan hebben in het licht van de Bijbel en daar hun conclusies uit getrokken hebben. Het zijn niet zomaar interpretaties of uit de lucht gegrepen opvattingen, maar ze zijn historisch onderbouwd. Daarmee zijn ze in lijn met de Bijbel, want de hele bijbel doet verslag van historische feiten. Van begin tot het eind gaat het over werkelijke gebeurtenissen. Ook Openbaring 2 en 3 kunnen we bijvoorbeeld interpreteren als een historisch verslag van het christendom en de meesten van ons hebben daar ook geen moeite mee.
Ik hoop dat hiermee duidelijk geïllustreerd is dat onze manier van Bijbellezen ons zicht op de waarheid van de Bijbel nogal kan belemmeren. De Bijbel is betrouwbaar, niet alleen over de geschiedenis, maar ook over het heden en ook over de toekomst.
Maar laten we ons denken vernieuwen door vragend en met een open hart Gods Woord te lezen en te laten spreken.
Voetnoten
- In de onderstaande twee teksten zijn ‘gezindheid’ en ‘denken’ hetzelfde woord in het originele Grieks. ↩︎
- Zie hier: https://goddienen.nu/wij-hebben-de-gedachten-van-christus/ ↩︎
- Bijvoorbeeld in Johannes 5:39;7:52; Romeinen 8:27; 1 Petrus 1:11. ↩︎
- Zie hier (https://goddienen.nu/symboliek-in-openbaring-6/) en hier (https://goddienen.nu/terugkijken-om-vooruit-te-kunnen-zien/) ↩︎
- ‘Leven we werkelijk in de eindtijd?’ ISBN 9789066031630. Zie ook hier: https://goddienen.nu/terugkijken-om-vooruit-te-kunnen-zien/#aioseo-hondervijfenzeventig-vervulde-profetieen ↩︎


